De Troonrede van het Landschap is een vast onderdeel van de Landschapstriënnale. Bij iedere editie werpt een schrijver, denker of maker een eigenzinnige blik op de toekomst van ons landschap. Dit jaar sprak essayist en schrijver Renske Jonkman op 15 september de Troonrede uit. Ze ging op een bijzondere reis, terug naar de bron van ons water. ‘Als ik het water waarvan ik drink beter wil begrijpen moet ik dan niet ook terugkeren naar de bron? Mijn verbeeldingskracht gebruiken om stroomopwaarts te reizen?’.
Renske begon bij haar eigen woonplek, in West-Friesland, waar het water door sloten, vaarten en kanalen wordt geleid. Een landschap waarin de hand van de mens overal zichtbaar is. Maar hoe vanzelfsprekend is het eigenlijk dat wij het water kunnen sturen, omleiden en begrenzen? Zelfs de reis van een eenvoudige waterdruppel uit de kraan blijkt een veel groter verhaal te vertellen. Het water dat door ons land stroomt, is maar kort hier. Daarvóór heeft het al een lange reis afgelegd door Europa.
Vanuit Nederland peddelde Renske in gedachten stroomopwaarts over de Rijn. Langs steden, landschappen en de Lorelei, steeds verder terug naar de bron. Onderweg vertelt ze over de ingrepen die de rivier door de eeuwen heen heeft ondergaan. Meanders zijn afgesneden, rivierbeddingen versmald en uitgediept, eilanden verdwenen en de Rijn werd steeds verder gekanaliseerd. De Rheinkorrektur moest zorgen voor een beter bevaarbare rivier en een snellere waterafvoer. Maar met het rechttrekken van de rivier ging ook veel van haar natuurlijke ruimte en veerkracht verloren.
De reis voert uiteindelijk helemaal naar de bron van de Rijn, de Lai da Tuma in Zwitserland. Daar verandert de waterdruppel opnieuw van gedaante: van rivier naar nevel, wolk en uiteindelijk weer regen. Water beweegt voortdurend tussen landschappen en vormen. Grenzen die mensen op kaarten hebben getekend, bestaan voor de rivier niet.
En daarmee keert Renske terug naar haar centrale vraag: van wie is het water? De rivier trekt zich niets aan van landsgrenzen. Wat er stroomopwaarts gebeurt, heeft gevolgen voor wie benedenstrooms woont. Vervuiling, droogte en ingrepen in de rivier werken door in het hele stroomgebied. Water laat zich niet zomaar toe-eigenen. Ze beschrijft de rivier als een levend waterlichaam dat door ons is gecorrigeerd, begrensd en ingericht op voorspelbaarheid en efficiëntie. Maar misschien vraagt water juist om iets anders: ruimte. Ruimte om te bewegen, te meanderen en te veranderen.
Lees hier de hele Troonrede van het Landschap – door Renske Jonkman


